Een Homestay is een verblijf bij de locals zelf. Zij verhuren vaak een aantal kamers in het het huis of appartementen complex van hunzelf.
We verblijven bij Pesona Bali Restaurant in Labuan Bajo op het eiland Flores. Het is een kleine kamer, er staat een bed en een tafeltje met een stoel. Aan de wand hangt een spiegel en in de badkamer is een toilet, wastafeltje en een douche. Geen warm water, maar het is er schoon en het uitzicht over de kust is verbluffend! Misschien belangrijker nog is dat de eigenaar, zijn vrouw en kinderen super vriendelijk en behulpzaam zijn. Steeds meer realiseer ik me van wat heb je nu eigenlijk echt nodig? Een bed, een douche, een toilet. Een airco is vaak ook wel aangenaam omdat het hier zo'n 35 graden is en we anders als blanke westerling wegsmelten tot een hoopje plas met twee ogen.
Een aantal jaar geleden toen ik aan mijn eerste reis begon naar Costa Rica, was ik heel onwennig. Ik had veel te veel kleding en spullen in mijn backpack, zoals een föhn. Een föhn serieus? Ik kan er nu om lachen. Ik had toen werkelijk geen idee. Sommige accomodaties waar we destijds verbleven maakte me onzeker als backpacker rookie. Geen warm water? Ohnee! Geen spiegel? Ohnee! Geen stroom? Ohnee! en ga zo nog maar even door...
Nu denk ik als het er maar schoon is en mocht het een keer minder schoon zijn, prima dan ga ik toch onder mijn eigen lakenzak liggen. Je wordt makkelijker van reizen, maar je moet ook wel anders houdt je het niet vol. Daarnaast leer je de kleine dingen waarderen. Zoals vandaag bijvoorbeeld...
De eigenaar van onze Homestay nodigde ons uit mee te gaan naar de lokale markt. 'you can buy some nice fruits, if you want? Waarom ook niet? We stapte in zijn auto en nog geen 10 minuten later kwamen we aan bij de marktplaats, een hoop scooters, locals en chaos zag ik vanuit het raam. We parkeerde en stapte uit. 'We can walk together.' Ja dat leek mij een goed idee, want hier geen toerist te zien en geen idee waar we heen moeten.
Bijna elke vierkante meter werd in gebruik genomen van de marktplaats. Ik keek mijn ogen uit en niet alleen ik keek mijn ogen uit, maar ook de locals naar ons, want toeristen zien ze hier niet vaak. Verschillende soorten groenten en fruit lagen gesorteerd in manden. Van verse ananas, mango, bananen tot aan onbekende vruchten die ik nog nooit eerder had gezien. We liepen verder door de smalle straatjes en over krakkemikkige loop planken, de eigenaar had een doel dat voelde ik. Eenmaal verderop liepen we een overdekte binnenplaats binnen waar allerlei soorten vis te vinden waren. Wauw, ik was overdonderd, wat veel! De eigenaar pakte kieskeurig een tonijn en liet me die zien. 'Shall i make this tuna for you, for lunch on bbq?' Oke, klinkt goed!
We lopen de overkapte binnenplaats uit en en stukje verder zie ik kleine mini rode en groene pepertjes liggen in een mand, ik vraag hem wat het is. 'We make sambal of that, i can make for you on tuna fish?' Ja hoor, prima! Ik koop nog twee mango's, een ananas en ander klein fruit. Salak ofwel slangenvrucht.
Onderweg terug stopt hij nog langs de weg en koopt wat vruchten, 'here you can try Markisa' Het lijkt op een soort appel achtige vrucht. Wanneer Jur en ik een hap willen nemen begint hij te lachen 'no no break it'. Het blijkt een soort passievrucht waarvan je het binnenste eruit kan zuigen. Het smaakt heerlijk zoet. Al lachend rijden we verder en tijdens de weg terug wijst de eigenaar nog plekken en belangrijke gebouwen aan en verteld erover. Goh, wat een leuke en leerzame ervaring was dit en de op de bbq gebakken tonijn met eigen gemaakte sambal? Die was verrukkelijk!


