Coromandel is onze volgende bestemming gelegen in de punt naast Auckland. Het beloofd nog twee dagen goed weer te worden voordat er een stormfront over zal trekken. We hebben drie nachten geboekt bij een camping aan de kust, waar Jur een hengeltje kan uitgooien en ik kan zwemmen in het zwembad. Op de camping zijn weinig gasten en het is er lekker rustig. Jur is er al vandoor met zijn hengel dus ik besluit snel mijn bikini aan te trekken en naar het zwembad te lopen. Het is immers nu nog strakblauw en zonnig! Wanneer ik bijna een stap in het water wil zetten zie ik de dame van de camping. "You brave girl!" zegt ze lachend als ze voorbij loopt. Ik lach vriendelijk terug en probeer me niet te laten kennen, maar brrr wat is het water koud! Nu snap ik waarom er geen hond te bekennen is hier haha. Na een paar baantjes zwemmen valt het best mee. Nu opdrogen in het zonnetje op het ligbed naast het zwembad met een goed boek.
In de vroege avond gaat Jur nog even vissen en ga ik gezellig mee. De zon staat al laag en dat geeft een prachtig kleurenpalet in de lucht. Het is een klein stukje lopen naar beneden tot het kiezel strand. Eenmaal beneden lopen we op onze waterschoenen via de rotsen naar een groter rotsplateau in de zee. Iets wat verder van Jur trek ik mijn waterschoenen uit zodat ik fijn pootje kan baden. Hij is lekker aan het vissen terwijl ik muziek luister en wat aan mijn blog schrijf. Op zulke plekken als deze gaat het schrijven vanzelf. Het is hier zo kalm en rustgevend! Na een poosje trek ik mijn waterschoenen weer aan, want op blote voeten lopen over deze rotsen is niet bepaald comfortabel. "Auw!" roep ik wanneer ik mijn linker waterschoen aantrek. "Wat is er?" vraagt Jur. "Geen idee het voelt alsof er een scherpe schelp of iets dergelijks in mijn schoen zit". Ik trek de schoen vlug uit en zie een bij op mijn voet zitten met de angel er nog in. Ik veeg de bij er af en trek de angel eruit. "Shit ik ben gestoken door een bij! "Je bent toch niet allergisch schat?" vraagt Jur. "Haha nee niet dat ik weet".
Daar waar ik in Australië iedere dag mijn schoenen uitklopte voor dodelijke spinnen en ongedierte dacht ik dat het hier niet meer nodig zou zijn. Om de vijf minuten vraagt Jur irritant of ik nog wel leef. "Het is hier wel een mooie plek om te sterven trouwens en dan kan ik je meteen als aas gebruiken" zegt hij grappend. "Ha-ha" zeg ik sarcastisch en steek mijn middelvinger naar hem op. De moraal van het verhaal: Beppie liep drie dagen met een pijnlijk dik klompvoetje haha.
Na de camping rijden we naar een bed & breakfast hier in de buurt waar we twee nachten verblijven. Jurgen heeft dit een tijdje geleden al geboekt omdat we over een paar dagen alweer een jaar getrouwd zijn. Het is toch bizar hoe snel de tijd gaat? Inmiddels zijn we alweer zeven maanden op reis en zijn we al ruim over de helft van onze wereldreis! Het huisje hebben we uiteindelijk twee dagen kunnen vervroegen en dat was gelukkig geen enkel probleem voor de eigenaar. Komende dagen gaat het enorm stormen dan zitten we in ieder geval lekker warm en droog binnen. Overigens wel wat zonde van de kajak die erbij inbegrepen was en het prachtige uitzicht over de baai waardoor de keuze juist op deze b&b was gevallen. Het zicht was door de regen en mist zeer beperkt en de kajak hebben we maar lekker laten staan. Ach, het was er zeker niet minder om en waren het twee fijne dagen! Met lekkere hapjes en een fles koffie likeur hebben we genoten van een groot bed, een warme douche en een eigen toilet. Wat een luxe!
Na de twee nachten in de b&b is het tijd om weer verder te gaan. We rijden de volgende ochtend van Coromandel helemaal naar Whangarei boven Auckland. Na een hele dag rijden komen we aan op de freedom camping 'Marsden Point'. De plek is niet onbekend voor ons. Hier stonden we aantal weken geleden ook toen we onderweg waren naar het verre noorden. Het is geen bijzondere plek maar een parkeerplaats aan het water uitkijkend over bergen en de naastgelegen haven. Er is een toiletblok en er staan een aantal picknick tafels in het gras. Helemaal prima voor een nachtje!
De volgende morgen rijden we door naar Te Pua Reserve, waar we in het begin van onze reis door Nieuw Zeeland al zijn geweest. De plek waar Jurgen zeven jaar geleden ook is geweest met zijn vrienden. Als we aankomen na de slingerende gravel weg door het dal heen, zie ik twee campers en een auto staan op de parkeerplaats voor het hek. Ik bel het nummer van de camp manager en de vrouw neemt vriendelijk op, maar verteld me dat ze helaas een aantal dagen gesloten is omdat het veld zal worden gemaaid. Dat is inderdaad ook hoog nodig. Een paar weken geleden stonden we hier nog vast met de camper in het hoge gras. Waarschijnlijk hebben ze hiermee gewacht voor de zomervakantie die rond 19 december hier begint. De vrouw verteld me dat we gewoon voor het hek kunnen parkeren en gebruik kunnen maken van het toilet op het terrein. Dat is aardig!
Jur is als sneeuw voor de zon vertrokken met zijn hengel naar de pier, waar nog drie andere mannen aan het vissen zijn. Dan heb ik mooi even de tijd om de camper op te ruimen en verder te lezen in mijn boek. Wanneer ik opkijk vanuit mijn boek zie ik dat Jur zich prima vermaakt. Ik hoor hem lachen met de andere mannen en proosten met een biertje. Even later laat Jur mij trots een grote vis zien die al spartelend aan zijn hengel hangt. Ik glimlach en steek mijn duim naar hem op. Fijn dat hij het zo naar zijn zin heeft en dat we even tijd voor onzelf hebben. Iets wat zeker ook belangrijk is als je elke dag samen bent.
In de avond maakt Jur de vis schoon op de pier. Hij ontschubt de vis, haalt de ingewanden eruit en snijd de kop eraf. Als de vis helemaal schoon is, wrijven we de huid in met lekkere kruiden en bakken het samen met rode ui, paprika en knoflook in een grote pan. Hoe tof is het om je eigen vis te vangen, schoon te maken en daarna heerlijk op te eten? Verser kan niet!
De volgende dag bezoeken we Cape Reinga het uiterste noorden van het noorder eiland. Het is een half uur rijden vanaf Te Pua Reserve. Na een korte klim op een berg zie ik een prachtig uitgestrekte baai met in de verte hoge zanduinen. De witte strepen in het water zijn van hoge golven die omslaan. Abel Tasman voer in het jaar 1643 langs deze kust weg. Hij vernoemde de plek naar de vrouw van de gouverneur van de VOC, Kaap Maria van Diemen.
We lopen het pad helemaal af naar de vuurtoren verderop, daar waar we uitzicht hebben over de oceaan. Op dit punt komen de Tasmaanse zee en de Stille Oceaan bijeen. Op zo'n plek als deze voel ik me heel klein. We kunnen dat ons in het kleine Nederland moeilijk voorstellen waar het overal zo volgebouwd is. Hier is er niets of niemand te bekennen maar alleen de ongerepte natuur...
We verlaten Te Pua Reserve de volgende dag. Na drie dagen is het tijd voor een douche en we hebben stroom nodig voor de koelkast. We rijden naar Aroha Island waar we op een camping staan. Op deze plek kun je in de avond de zeldzame Kiwi vogel spotten in het naastgelegen bos. De mevrouw van de receptie is erg vriendelijk en laat me op de kaart zien waar de Kiwi vogels de afgelopen tijd zijn gespot. Ik krijg van haar een zaklantaarn met daaraan een rood silevaantje gebonden. "The Kiwi bird is very sensitive that's why you need the red light. It won't hurt there eyes". Ik krijg nog twee rode silevaantjes en elastiekjes mee van de vrouw zodat ik die kan vastbinden aan onze hoofdlampen. "The best time to go into the forest is around 9.30 at night, but you have to be lucky to see them!".
Die avond lopen we het bos in. Jurgen uiteraard gewoon op zijn slippers haha. Het is aarde donker in het bos en ik hoor enkel het krieken van krekels om me heen. Dit is toch wat we het aller leukste vinden op zoek naar dieren in het wild. Grappig dat je onwijs op scherp staat als je gefocust bent en dat vooral in de nacht. Het maakt het allemaal extra spannend!
Wanneer we in het duister schijnen met de zaklamp zien we overal kleine glinsteringen in de struiken. Alsof het bos bezaaid is met glitters. Maar niets is minder waar het zijn de ogen van tientallen kleine huntsmen spinnen! Gelukkig zijn deze niet zo groot als in Australië. In de verte horen we ineens geritsel en een schel geluid. Dat moet de Kiwi zijn! We besluiten er naar toe te lopen en komen nog een aantal andere toeristen tegen die op het geluid zijn afgekomen. We schijnen allen met de zaklamp om ons heen. Geduldig wachtend op een glimp van deze zeldzame vogel. Na een tijdje lopen Jur en ik een stuk verder, weg van de groep toeristen. Dan plots wijst Jur voor zich uit en kijkt me aan. We zien een Kiwi ongestoord pikken met zijn lange snavel om zich heen. De vogel komt zelfs nog een stuk dichterbij op het voetpad en lijkt ons helemaal niet op te merken. We blijven staan als twee verstijfde stokstaartjes. Voorzichtig pakt Jur zijn telefoon en probeert de vogel te filmen en dat lukt aardig, maar dan verdwijnt het dier toch snel weer het donker bos in. Nu dan toch eindelijk de Kiwi in het echt kunnen zien, wauw wat hebben we een geluk!



