#4 Vietnam | Chúc Mừng Năm Mới ofwel gelukkig nieuwjaar!

Gepubliceerd op 26 januari 2023 om 13:14

De volgende bestemming staat op het menu! 'Nam Cat Tien' ligt op ongeveer drie uur rijden vanaf Ho Chi Minh Stad. Daar bevindt zich een Nationaal Park aan de rivier waar de gibbon aap en de siamese krokodil leven. Al vroeg pakken we een taxi vanuit het hotel naar het busstation 'Mien Dong'. Het is een kwartier rijden alleen is het hier in deze stad ieder uur spitsuur, dus duurt de rit wat langer. Wanneer we aankomen op het busstation vraag ik aan het loket naar de bus en een kaartje. Er wordt me glimlachend een briefje met daarop een engelse vertaling in handen gedrukt. 'De bussen naar Nam Cat Tien vertrekken niet langer vanaf dit busstation, u moet naar Ben Xe Nga Tu Ga busstation. Cam on!' (ofwel dankjewel).

 

Snel houden we buiten weer een taxi aan. Het volgende busstation is twintig minuten verderop. Het is inmiddels kwart over negen en we hebben de eerste bus net gemist. De volgende vertrekt om half elf. We krijgen de bustickets in ons handen gedrukt en de man wijst naar een zitje aan de overkant waar we kunnen wachten. Om half elf stappen we het minibusje in met een aantal locals. De man ofwel conducteur die meegaat in de bus gedraagt zich een beetje vreemd en agressief. Hij schreeuwt en af en toe spuugt hij een dikke vieze roggel uit het raam. Tijdens de rit worden overal andere mensen en spullen opgehaald. Grote dozen, flessen en zakken rijst worden onderweg opgepikt en naar binnen getild. In Vietnam moet je wel geduldig zijn als je met de lokale bus reist. Tot mijn verbazing wordt er ook nog een hoge roze 'Hello Kitty' kast ingeladen en met wat plakband vastgeplakt aan de baggage reling. Oh en als je soms dacht dat de bus vol is wanneer alle stoelen zijn bezet, dan heb je het mis! De beste man tovert een dozijn aan kleine krukjes tevoorschijn en zet deze vervolgens één voor één in het smalle gang pad. En tadaa jawel er zijn weer zitplaatsen! Haha ik blijf me toch telkens weer verbazen over hoe het hier gaat in Azië.

Na vierenhalf uur komen we aan in Nam Cat Tien. Het dorpje is gelegen midden in de natuur langs de rivier. We stappen uit de bus en krijgen ons backpack overhandigd. We lopen naar ons Guesthouse waar we ontvangen worden door de zoon van de eigenaar. Ik zie drie honden liggen op de veranda waarvan één kleine puppy, die direct kwispelend naar me toe komt lopen. Kippen en ganzen lopen gezellig rond de tuin met hun kuikentjes. Ook zie ik nog een kat schichtig voorbij rennen. Het is hier één gezellige beestenboel! De zoon geeft ons wat te drinken en de moeder geeft ons vriendelijk wat fruit. Hij vertelt ons dat hij hier al heel zijn leven woont. Ik schat hem zo in de veertig, maar met aziaten weet je dat nooit zo zeker. Hij vertelt dat hij geen vrouw en kinderen heeft. De broer met vrouw en kinderen wonen hier ook In het huis. Zijn ouders spreken geen engels maar lachen vriendelijk. Hij wijst ons de weg naar onze kamer en geeft de sleutel. De kamer is omringd door een bakstenen muur met hier en daar gaten en in de hoeken hangt spinnenrag. Het bedmatras voelt als een blok beton, maar ondanks dat hebben we wel een toilet en een warme douche! We zijn zo makkelijk geworden door de maanden heen. In de middag neemt zijn broer ons mee voor een boottocht op de rivier. Onderweg zien we apen slingeren van boom tot boom en vogels die verschrikt weg vliegen wanneer de boot te dichtbij komt. Wat een rust hier. De zon gaat langzaam onder en het is een prachtig uitzicht vanuit het kleine bootje.

De volgende dag kopen we een kaartje aan het loket van het park en worden met het veerpontje naar de overkant gebracht. Op de borden lezen we waar we heen moeten. "Het museum en de opvang van primaten is naar links". We lopen naar het museum, het blijkt alleen gesloten te zijn en de opvang ziet er ook maar wat verlaten uit. We vragen het voor de zekerheid even bij het visitor center. De mevrouw zegt ons dat er geen opvang meer is sinds de corona tijd, há vandaar dus. Het park ligt er eigenlijk wat verlaten bij, maar dat niet alleen ook de guesthouses en restaurants. Dit komt ook door het Tet Festival (maanjaar) wat over een paar dagen wordt gevierd. Dit feest duurt ongeveer vijf dagen en locals gaan op bezoek bij familie. We lopen een stuk verder over een pad dat volgt naar een mega grote boom midden in het bos. Deze bomen hebben we veel in de jungle van Sumatra gezien. De wortels zijn zo groot en hoog, het lijken wel muren. We besluiten na een tijdje toch maar weer terug te keren. Er valt helaas niet veel te zien aan wilde dieren en het is snikheet. Ondanks dat was het wel fijn om even in de natuur te wandelen. De vogels te horen fluiten in plaats van de chaos en herrie van de grote stad.

Als we in de avond naar ons guesthouse terug lopen nadat we ergens wat zijn gaan eten, staat ons een leuke verassing te wachten. Jur schuift zijn backpack opzij en daar komt een joekel van een spin te voorschijn. Hij vermorzelt hem uit reactie direct met zijn slipper. "Zo die leeft niet meer". We zijn beide verbaasd hoe relaxt we blijven. Komt dit door alle avonturen die we al hebben meegemaakt? Misschien. Mijn spinnen fobie is toch blijkbaar een stuk minder geworden haha..


De dag erna vertrekken we vroeg vanuit Nam Cat Tien naar Da Lat. Het is zo'n vierenhalf uur met de lokale bus. Wederom stopt de lokale bus meerdere keren om passagiers en goederen op te halen. In de middag komen we aan in Dalat. De stad ligt gelegen in de bergen en daardoor is de temperatuur hier aangenaam koeler. We houden een taxi aan die ons naar het hotel brengt. We kunnen alleen nog niet inchecken, dus laten we de backpacks achter in het hotel en lopen lekker de stad in.

 

De volgende dag bezoeken we 'Crazy House' het ligt midden in de stad van Da Lat. Het is een Salvador Dali - Style huis, ontworpen door een Vietnamese architect. Hij werd geïnspireerd door de natuur. Het voelt een beetje alsof we een sprookje binnenstappen en dat midden in de drukke stad. Er zijn zelfs een aantal kamers beschikbaar om in te overnachten. Alleen lijkt het mij niet zo relaxt. Iedere dag talloze nieuwsgierige toeristen rond je appartementje die door je ramen staan te gluren haha. Na vijf minuten heb ik geen benul meer waar we zijn. Er gaan namelijk talloze trappen in het huis naar boven en beneden, het lijkt wel hier wel een doolhof. Maar niete aan de hand, uiteindelijk komen we weer uit in de grote tuin bij de ingang. Het was best geinig dit gekke huis te bezoeken. Nu ergens lekker een broodje Bhan Mi scoren! Leuk weetje, we zijn ook nog samen naar de kapper geweest voor nog geen zes euro totaal, hoe kan het?!

'The Sleeperbus' hebben we geboekt voor de volgende dag. We rijden met een taxi naar de bushalte waar we om acht uur stipt vertrekken met de slaapbus terug naar Ho Chi Minh stad. Ik ben verbouwereerd als ik de bus instap. Wat is dit leuk zeg! Een soort stapelbedden van ligstoelen. We hebben ieder onze eigen 'cabine' inclusief tv scherm, ventilator en schuifgordijntjes. Ik vind het helemaal top vergelijken met de lokale bus van afgelopen dagen die werkelijk ooooveral stopte. Oké Jurgen is wat minder enthousiast haha. Begrijpelijk want hij past bijna nooit ergens in! Hier in Azië is alles gemaakt voor kleine mensen. Zo dus ook veel deurposten waar hij al bukkend doorheen moet.

Een kleine acht uur later komen we aan in Ho Chi Minh stad. We checken in bij het hotel en doen verder even helemaal niks, dat is ook wel eens lekker na een lange rit! Als we wat willen gaan eten in de avond valt het op dat het een stuk rustiger is in de stad en dat veel restaurants en winkels dicht zijn. Dit nog steeds door het Tet Festival. We vinden een lokaal tentje waar we heerlijke Pho Bo eten (rijst noodles met runderlapjes). De volgende dag houden we het even heel relaxt, want de dag erna staat er weer een lange rit met de bus te wachten naar Cambodja. Hallo nieuwe avonturen!